top of page
  • Whatsapp
  • LinkedIn
Zoeken

Als onderwijs vastloopt: wat we vergeten over cultuur en merken

  • Vanessa Toelen
  • 3 sep 2025
  • 5 minuten om te lezen

Ik ben geen onderwijsexpert. Ik ben geen pedagoog, geen onderzoeker en zeker geen politicus. Wat volgt is dus geen analyse van onderwijsbeleid. Wel een reflectie vanuit mijn eigen expertise: hoe cultuur en merk het verschil maken in hoe mensen zich verbinden of afhaken. Vanuit die BRANDshift-bril wil ik kijken naar het onderwijs. Want ook scholen zijn merken. En net daar wringt het schoentje: niet de regels of de richtingen op zich, maar de cultuur die erachter schuilgaat.




Het persoonlijke verhaal



Mijn zoon Staf is zestien. Hij startte dit schooljaar in het vijfde middelbaar. Voor de derde keer in een nieuwe school. Zijn traject leest als een kroniek van zoeken en botsen: van A-stroom naar STEM, naar dubbele finaliteit Bedrijf en OrganisatieĀ - om dan te beseffen dat dit niets voor hem was.


Hij keerde terug naar doorstroom Humane Wetenschappen, om uiteindelijk doorverwezen te worden naar Maatschappij & Welzijnswetenschappen. En nu, verplicht af te zakken naar dubbele finaliteit, waar hij koos voor Dierenverzorgingstechnieken.


Niet omdat hij geen talent heeft. Niet omdat hij niet wil. Wel omdat het systeem hem telkens in vakjes probeerde te duwen die net niet bleken te passen.




De feiten en de experten



De actualiteit bevestigt het gevoel.


  • Volgens cijfers van het Vlaams Departement Onderwijs en Vorming bleven vorig schooljaar bijna 19.000 leerlingen zitten. Dat is 4,4% van de populatie, een percentage dat al tien jaar stabiel hoog blijft (VRT NWS, 29/08/2025).

    Onderwijsexperts zoals Pedro De Bruyckere benadrukken dat zittenblijven vaak meer nadelen dan voordelen heeft: minder motivatie, lager zelfvertrouwen, grotere kans op schooluitval. Uit internationaal onderzoek blijkt bovendien dat België een van de koplopers is in aantal zittenblijvers.

  • Tegelijk worstelen scholen met het invullen van vacatures. VRT NWSĀ meldde dat er 3.700 voltijdse leerkrachten tekortĀ zijn, waarvan 2.800 tijdelijke vervangingen (VRT NWS, 30/08/2025).

    Professor Kristof De Witte (KU Leuven)Ā legt uit: ā€œHet klinkt aantrekkelijk voor leerkrachten, maar voor directies verhoogt het net de drempel om een TADD toe te kennen. Zeker wanneer leerkrachten in ƩƩn schooljaar op meerdere plekken staan, is het moeilijk om een volledig beeld van hun capaciteiten te krijgen.ā€



De boodschap is duidelijk: het zijn niet de mensen die falen. Het is het systeem dat hen laat falen.



Wat is TADD?

Een Tijdelijke Aanstelling van Doorlopende Duur (TADD) geeft leerkrachten na één schooljaar lesgeven meer kans op stabiliteit. Maar het statuut werkt in de praktijk vaak omgekeerd: directies aarzelen om het toe te kennen omdat het hen beperkt in flexibiliteit. Starters worden zo op het laatste moment naar andere scholen doorgeschoven, zelfs als ze hun werk goed doen.




De cijfers dichtbij



Ook in Staf zijn klas zie ik het probleem heel concreet: zes van de achttien leerlingen doen dit jaar opnieuw. Dat is ƩƩn derde van de groep.


Dat heeft impact.


  • Op de leerlingen die blijven zitten:Ā sommigen voelen zich mislukt, anderen ervaren het als ā€œnog een kansā€.

  • Op de klasdynamiek:Ā nieuwe leerlingen en zittenblijvers delen dezelfde lessen, maar niet hetzelfde verhaal. Het kan leiden tot verschil in maturiteit, motivatie en zelfs tot een zekere afstand.

  • Op de leerkracht:Ā die moet tegelijk herhaling geven voor de zes en nieuw elan brengen voor de twaalf. Dat vraagt veel energie en pedagogische creativiteit.

  • Op de hele klas:Ā als ƩƩn derde van je groep ā€œgefaaldā€ heeft, geeft dat een collectief signaal. Het wordt bijna normaal dat je blijft zitten, en tegelijk lijkt slagen eerder uitzondering dan regel.



Het maakt de cijfers uit de krant plots tastbaar. Achter elk getal schuilt een verhaal, en vaak zelfs meerdere verhalen tegelijk.




Zittenblijven internationaal

In landen als Finland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk is het percentage zittenblijvers verwaarloosbaar. Leerachterstand wordt er aangepakt via gerichte begeleiding, flexibele trajecten en differentiatie in de klas. Belgiƫ kiest nog te vaak voor de dure optie: een volledig jaar opnieuw doen.




Het bredere plaatje



Ik wil het beleid niet beoordelen – dat is mijn rol niet. Maar ik volg de maatregelen wel op, omdat ze de context bepalen waarbinnen scholen moeten werken.


Minister Zuhal DemirĀ zette dit schooljaar een reeks nieuwe maatregelen in gang: smartphoneverbod in de eerste en tweede graad, strengere spijbelregels, extra uren Nederlands voor leerlingen met taalachterstand en nieuwe minimumdoelen in het basisonderwijs (VRT NWS, 01/09/2025). Dat verdient erkenning: ze durft knopen door te hakken.


Tegelijk zijn er spanningen elders in het systeem: in het volwassenenonderwijs worden cursussen geschrapt en verliezen tijdelijke leerkrachten opdrachten (VRT NWS, 30/08/2025). En steeds meer gezinnen kiezen voor thuisonderwijs omdat hun kinderen gelukkiger zijn buiten het reguliere systeem (VRT NWS, 31/08/2025).


Alles samen schetst dit beeld: mensen zoeken alternatieven wanneer de cultuur van het systeem niet meer aansluit bij wat zij nodig hebben.




Mijn bril: cultuur en merken



En dat is waar mijn expertise begint.

Ik kan niet zeggen hoe het curriculum moet worden hervormd.

Ik kan niet zeggen hoe benoemingen best geregeld worden.


Wat ik wél kan: laten zien dat scholen, net als organisaties, merken zijn.


Een school is een merk omdat ze een belofte doet: aan leerlingen, aan ouders, aan leraren. Die belofte gaat verder dan studierichtingen alleen. Ze houdt in dat de school haar ā€˜klanten’ helpt ontwikkelen: leerlingen in hun talent en motivatie, ouders in vertrouwen, en leraren in hun vak en hun verbondenheid met het team. Dat is cultuur in actie: hoe je omgaat met falen, groei en talent.




De High Performance Brand als school



Binnen BRANDshift spreken we over High Performance Brands: merken die tegelijk krachtig presteren Ʃn gedragen worden door waarden en menselijkheid. Voor scholen betekent dat:


  • Een helder verhaal.Ā Waar staan we voor als school? Welke waarden sturen onze keuzes?

  • Mensgericht beleid.Ā Leraren zijn geen vervangbare schakels, maar de kern van het merk.

  • Concreet gedrag.Ā Waarden vertalen zich in dagelijkse praktijken: feedbackcultuur, begeleiding, oriĆ«ntatie.

  • Kwaliteit Ć©n warmte.Ā De lat ligt hoog, maar altijd in een context van vertrouwen en nabijheid.



Zo’n school trekt leraren aan die zich willen verbinden en leerlingen die er kunnen groeien zonder te verdwijnen in regels en attesten.




Wat scholen vandaag al kunnen doen



Beleid verandert traag. Maar directies en teams hebben vandaag al speelruimte.


  • Maak cultuur zichtbaar.Ā Vertaal waarden naar gedrag: hoe tonen we zorg? Hoe kijken we naar falen? Hoe stimuleren we groei? Het resultaat: meer samenhang en duidelijkheid voor leraren Ć©n leerlingen.


Wat ik als ouder ervaar: scholen hebben vaak mooie woorden over begeleiding, hulp bieden en waardering. Maar dan zit je op oudercontact en merk je dat de taal van de leerkracht niet klopt met dat verhaal. Dat verschil voelen kinderen ook. En net daar wringt het: waarden die niet zichtbaar worden in gedrag, verliezen hun geloofwaardigheid.

  • Zie leraren als merkdragers.Ā Geef hen begeleiding en waardering, ook al is hun statuut onzeker. Het resultaat: minder uitval en meer verbondenheid.

  • Behandel leerlingen als mensen met verhalen.Ā Zoek flexibiliteit in trajecten, bied ondersteuning in plaats van enkel sanctionering. Het resultaat: minder afhaken, meer motivatie.

  • Vertel je verhaal.Ā Laat ouders en de bredere omgeving zien waar je voor staat. Dat trekt niet alleen leerlingen, maar ook leraren die zich herkennen in je missie.



Dit vraagt geen revolutie, maar wel bewuste keuzes. Een school die haar waarden zichtbaar maakt, organiseert zich anders en creƫert in de dagelijkse praktijk momenten van verschil. Dat kan het verschil zijn tussen een leraar die vertrekt of blijft. Tussen een leerling die opgeeft of zich opnieuw engageert.




Spiegelmoment



Onderwijs is geen dossier, het zijn verhalen. Het verhaal van jonge leerkrachten die ondanks hun enthousiasme afhaken omdat ze zich pionnen voelen. Het verhaal van de 19.000 leerlingen die zichzelf mislukt voelen omdat ze een jaar moeten overdoen. Het verhaal van mijn zoon Staf, die ondanks alles blijft zoeken naar een pad dat past.


Die verhalen confronteren ons met een spiegel. We investeren massa’s energie in herhaling – in zittenblijven, in tijdelijke statuten – terwijl vernieuwing dringend nodig is.


ā€œAls we blijven investeren in herhaling, verliezen we leerkrachten, leerlingen Ć©n middelen. Als we investeren in menselijkheid, winnen we talent terug.ā€

Dat is geen beleidsvoorstel. Dat is een reflectie vanuit mijn eigen expertise.

Geen pleidooi voor zachtheid, wel een oproep voor moed.

Moed om scholen niet alleen als instellingen, maar als merken te zien.

Merken die leven van mensen, en die alleen kunnen groeien als ze mensen laten groeien.n.

Ā 
Ā 
Ā 

Opmerkingen


bottom of page